Sporten in de tabaksrook

Jurryt van de Vooren

In 1898 gaf de Nederlandse sportwereld een uniek gedenkboek aan koningin Wilhelmina. Ruim 400 Nederlandse sportorganisaties in alle vormen en maten toonden daarmee hun liefde voor de vorstin, die dat jaar officieel was ingehuldigd. Precies 118 jaar later zijn hiervan nog steeds zo’n honderd in leven! Eén van die bijzondere organisaties is de Nederlandsche Kolfbond, sinds 1985 Koninklijk.

De drie K’s van Nederlands oudste sporten of spelen zijn kolven, kaatsen en kegelen. In het gedenkboek van 1898 namen deze dan ook een grote plaats in – in ieder geval veel groter dan zou gebeuren als de sport opnieuw zo’n geschenk aan de koning zou aanbieden.
Kolven is een eeuwenoud balspel, dat zowel op ijs als op een baan werd gespeeld. Binnen die traditie van balspelen, die teruggaat tot de 13e eeuw, horen ook colfen, beugelen, klootschieten en maliën.

Een voornaam spel

Het kolven wordt gespeeld op een baan en niet in de vrije ruimte. De doorbraak was eind 18e, begin 19e eeuw en werd vooral gespeeld bij herbergen, die hierdoor extra omzet hadden. “Toen kon men geregeld in de kolfbanen de rijke Hollandsche kooplieden en de welgestelde boeren aantreffen”, schreef tijdschrift de Revue der Sporten in 1909. “De jas uitgetrokken, de hoed op het hoofd, de lange Goudsche pijp dwars in den mond, zoo was het type van den echten ouderwetschen kolver, 't Kolven was een ‘voornaam’ kalm spel.”

Amsterdam was het kolfmekka met veruit de meeste banen van het land. In 1792 werden er maar liefst 218 geteld - zo schreef Arnout Janmaat in 2010 in het afstudeeronderzoek Speelbal buiten het eigen speelveld. Ter vergelijking: in diezelfde stad zijn nu 138 voetbalvelden. Deze populariteit was alleen van korte duur, want al snel werden weer veel banen gesloten. In 1806 waren er in Amsterdam slechts 56 over.

De Kolfbond

Met de oprichting van de Nederlandsche Kolfbond in 1885 werd deze neergang tijdelijk gestopt. “Telken jare houdt die bond zijn wedstrijd, waar kolvers van heinde en verre samen komen, om zich met elkander te meten”, aldus de Revue der Sporten. Over de precieze oprichtingsdatum bestaat alleen onduidelijkheid, zoals we in deze rubriek al bij meer clubs en bonden hebben gezien.

De Kolfbond zelf noemt 13 mei 1885 als het officiële begin, maar Het Nieuws van den Dag schreef twee maanden eerder al dat een nationale bond was gesticht, “welke voornemens is jaarlijks een nationalen kolfwedstrijd te houden”. Wat wél zeker is, is dat G.C. van Balen Blanken het initiatief had genomen. Hij zou pas 51 jaar later afscheid nemen van de bond.

Te gezellig

De oude glorietijden keerden echter nooit meer terug, zoals ook gold voor kegelen en kaatsen. Bij de viering van het vijftigjarig bestaan van de bond benadrukte Van Balen Blanken daarom vooral de band van broederschap. “In welke tak van sport wordt een spel beoefend dat rijk en arm, oud en jong, zwart en rood tezamen vereenigt en waar wordt in zoo ridderlijken geest gespeeld als in den Kolfbond?"

Volgens de Revue der Sporten was die gezelligheid nou juist het grote probleem. Het blad was aanwezig geweest bij de Nationale Kolfwedstrijden, “waar de tabaksrook in den loop van den avond tot een nevel verdikte en waar de vaatjes bier continu moesten worden binnengerold”. In zo’n omgeving kan je toch niet meer over een sport spreken, hoonde het blad. “Hier ligt — lijkt ons — een schoone taak voor den Ned. Kolfbond: het op hooger plan brengen van het kolven. Het spel bezit voor lichaam en geest vele kwaliteiten en zou wanneer het uit een verkeerde omgeving wordt gehaald zeker aan waarde winnen.”

Alhoewel de bond in 1985 de koninklijke eretitel kreeg, is kolven nooit meer een grote sport geworden. De Revue der Sporten had het in 1935 dus goed gezien.

Het gedenkboek van 1898, waaraan de Nederlandsche Kolfbond meedeed, is op initiatief van Jan Rijpstra en Jurryt van de Vooren in 2014 opnieuw uitgegeven in een genummerde oplage van duizend. In 1898 werd het aan koningin Wilhelmina overhandigd; in 2014 aan koning Willem-Alexander. De naam van de bond staat in deze heruitgave vermeld.
Dit bijzondere boek is nog te koop. Het kan worden besteld bij Arko Sports Media.