Pilot met veiligheidsanalyse bij voetbalclub

Jeugdvoetballers van bsv Boeimeer tijdens een zaalvoetbaltoernooi begin dit jaar (foto: website Boeimeer).
Nina Janssens

Voetbalclub Boeimeer uit Breda heeft eind 2015 samen met stichting Halt een veiligheidsanalyse uitgevoerd binnen de club. Voelen de mensen op de club zich wel zo veilig als gedacht? En waar kan de veiligheid verbeterd worden? Tijdens de slotbijeenkomst afgelopen week werden de uitkomsten gedeeld. Voorzitter Jos Verdonschot vertelt: "Het gaat om veiligheid in de breedste zin van het woord.”

Waarom wilde BSV Boeimeer een veiligheidsanalyse?

“Twee jaar geleden besloten wij alle vrijwilligers van onze club een VOG te laten ondertekenen. Niet omdat daar een directe aanleiding voor was binnen de club, maar omdat er in de samenleving dingen spelen. Wij wilden laten zien dat we er alles aan doen om excessen te voorkomen. Hieraan gekoppeld vonden wij dat we een vertrouwenspersoon nodig hadden, zodat mensen met eventuele bemerkingen bij iemand terecht konden. Deze vertrouwenspersoon stelde toen voor om een enquête te houden om in kaart te brengen wat er allemaal bij ons speelt. Voelen de leden en vrijwilligers zich een beetje veilig? We gaan er namelijk wel vanuit dat dat allemaal zo is, maar zeker weten doen we het niet.”

“In eerste instantie wilden we voor dit onderzoek gebruik maken van de toolkit van de KNVB, maar nadat we contact met de KNVB hadden gelegd, kwamen we erachter dat stichting Halt in het hele land verschillende veiligheidsanalyses uitvoerde. Zo’n analyse paste precies bij wat wij voor ogen hadden, dus meldden we ons aan. Omdat we geen club met problemen waren, kwamen we daar eerst niet voor in aanmerking. Er zit namelijk nogal een kostenplaatje aan. Gelukkig wilde de gemeente Breda het uiteindelijk financieren, omdat ze het als pilot voor de hele gemeente wilde gebruiken.”

Wat hield de veiligheidsanalyse in en wat waren de conclusies?

“Stichting Halt is verschillende keren bij BSV Boeimeer langs geweest om de analyse uit te voeren. Een keer op een zaterdag om met iedereen, zowel de mensen van de eigen club als spelers en supporters van de tegenpartij, een praatje te houden en enkele vragen te stellen. Daarnaast hield Halt gesprekken met jeugdleden, ouders, senioren en vrijwilligers. Telkens in groepen van 10-12 personen om te bekijken hoe veilig mensen zich voelen en waar het nog aan schort. Ook sprak Halt met het bestuur en was er een enquête. Dit alles leidde uiteindelijk tot verschillende conclusies.”

“De conclusies zijn onder te verdelen in drie pijlers, waarmee we aan de slag zullen gaan. Ten eerste de communicatie. Die laat nogal te wensen over. Een lastig probleem dat, vrees ik, nooit geheel op te lossen valt. Wij gaan in ieder geval proberen de communicatie te verbeteren door leden bijvoorbeeld beter te informeren. Onder andere over waar ze terecht kunnen als ze ergens mee zitten. Zo willen we voorkomen dat mensen op de club met vraagtekens blijven rondlopen. De tweede pijler is protocollen: hoe ga je om met bepaalde situaties? Stel dat iemand zich misdraagt of dat je ergens anders tegen aanloopt, wat kun je dan doen? En stel dat er een ongeval op het voetbalveld gebeurt: wie onderneemt actie? Wie gaat bellen? Dat soort dingen.”

“De derde pijler is het aanspreken van mensen en het goede voorbeeld geven. Oftewel, op het moment dat mensen zich niet houden aan normale gedragsregels, zoals ouders die zich nogal luidruchtig gedragen rondom het veld, supporters die een scheidsrechter niet respectvol behandelen, spelers die zich onsportief gedragen of mensen die hun lege koffiebekertje op de grond gooien, hen daarop aanspreken. Maar ook als iemand zijn auto asociaal parkeert, waardoor een eventuele ambulance er niet door kan, daar iets van zeggen. Er kwamen overigens ook nog hele andere dingen uit de enquête. Zo werd er opgemerkt dat er nogal hard wordt gereden op de weg voor het sportcomplex. En vinden de voetballers het niet prettig hun spullen in de kleedkamer te moeten laten liggen, wanneer twee teams er tegelijkertijd gebruik van maken. Zo blijken er nog heel wat verbeterpunten.”

Hoe gaan jullie nu de veiligheid verbeteren?

“Onder andere dus door protocollen op te stellen en meer in te zetten op heldere communicatie. De andere verbeterpunten willen we gaan aanpakken door samen te werken in subgroepen, bestaande uit onze leden, én met externe partners en professionals. Er kunnen namelijk situaties voorkomen waarvoor wij de juiste expertise niet in huis hebben. Hiervoor werken wij dan samen met basis- en middelbare scholen, het centrum van jeugd en gezin, de politie, de gemeente en bewonersverenigingen. Door elkaar te helpen, kunnen we die veiligheid optimaliseren.”

“Tijdens de startbijeenkomst werd de vraag gesteld ‘wat betekent veiligheid voor jou?’ Daarop antwoordde een van de jeugdleden: “Dat er goed voor mij gezorgd wordt.” Dat hebben we toen als projectgroep als thema genomen. Want inderdaad: hoe zorgen we goed voor elkaar? Met een drempel op die weg voor het complex, met niet parkeren bordjes op bepaalde plekken, maar ook door op elkaar te letten. Wordt er gepest in een team, vertoont een kind afwijkend gedrag wellicht omdat het ergens mee zit, ook daar kan een club iets aan doen. Door het te signaleren en vroegtijdig te erkennen kan professionele hulp geboden worden. Het gaat dus echt om veiligheid in de breedste zin van het woord.”

En het initiatief krijgt dus navolging in de gemeente Breda?

“Naast dat de KNVB het plan heeft om deze aanpak van Halt op den duur door het hele land te verspreiden, is het hier in Breda nu eerst de bedoeling om andere voetbalclubs de veiligheidsanalyse uit laten voeren. Vervolgens moet de analyse toepasbaar worden op alle soorten sportverenigingen en kan er een soort van ketenaanpak ontstaan. Een aanpak in de vorm van een geoptimaliseerde samenwerking op het gebied van veiligheid tussen verenigingen, externe partners en professionals. Het doel: ervoor zorgen dat mensen die een sport bedrijven zich gewoon veilig kunnen voelen.”