Gemeente is, zonder dat zij het weet, eigenaar clubhuis

De tribune van vv Wilhelmus (foto Facebookpagina Wilhelmus).
Redactie SportclubNL

Opmerkelijk nieuws in de lokale pers. De gemeente Leidschendam-Voorburg blijkt - zonder dat zij het weet - eigenaar te zijn van het clubhuis, de kleedkamers en tribune van voetbalvereniging Wilhelmus en geeft deze opstallen nu om die reden om niet aan de club. Wat is er aan de hand?

Verwondering

Het Voorburgs Dagblad meldde vorige week dat wethouder Nadine Stemerdink (PvdA) tijdens de laatste commissievergadering Maatschappelijke Activiteit door het stof moest over "de verkapte staatssteun" aan voetbalvereniging Wilhelmus. "Commissieleden spraken hun verwondering uit dat de gemeente eigendom was van panden waar men totaal niet vanaf wist. Stemerdink gaf aan dat dit inderdaad niet kon, vooral ook omdat Wilhelmus in het nabije verleden de huur niet betaalde. De grote vraag blijft open staan of Wilhelmus niet flink is bevoordeeld ten opzichte van andere sportverenigingen in Leidschendam-Voorburg."

Een raadselachtig bericht dat veel vragen oproept. Gelukkig is er nog een ander lokaal medium dat kan worden geraadpleegd. Midvliet is iets uitvoeriger in haar berichtgeving.

Excuses

"Wethouder Nadine Stemerdink van Leidschendam-Vvoorburg heeft een onderzoek gelast naar verborgen eigendommen van de gemeente. Aanleiding vormt de ontdekking dat de gemeente al sinds 2010 eigenaar was van de clubtent van voetbalclub Wilhelmus zonder dat men dat wist. De wethouder wil dat van alle verenigingen, instellingen en organisaties wordt nagegaan hoe het zit met hun gebouwen; of die al dan niet eigendom zijn van de gemeente, hoe het staat met opstalrecht dan wel huurcontracten. Het speurwerk moet binnen enkele maanden afgerond zijn.
Het geval-Wilhelmus werd ontdekt nadat de club, die vorig jaar in ernstige financiële problemen kwam, het clubgebouw aanbood aan de gemeente. Die bleek dat na onderzoek al te bezitten. Het eigendom was verworven toen in 2010 bij het opknappen van het Wilhelmuscomplex een stichting tussen de club en de gemeente in kwam te staan.
B&W hebben nu besloten het clubgebouw om niet terug te geven aan Wilhelmus. Het risico dat dit gezien wordt als verkapte staatssteun neemt het gemeentebestuur op de koop toe. Volgens Stemerdink vormt het geval-Wilhelmus geen precedent richting andere verenigingen, instellingen of organisaties. In de gemeenteraad maakte Stermerdink excuses voor de gemaakte ‘fout’. Destijds waren de wethouders Rensen (PvdA, sport) en Houtzager (VVD, financiën) verantwoordelijk."

Onbedoeld en ongewenst

Wie deze berichten leest krabt zich toch achter de oren. Hoe kan dit nu dat de gemeente niet eens weet dat zij eigenaar is van deze panden, dat de club geen huur betaalde en dat de gemeente vervolgens een en ander voor niets aan de club overdraagt? Wat is hier in hemelsnaam aan de hand?

De raadsstukken scheppen gelukkig meer duidelijkheid. Het is wel maar de gemeente is "onbedoeld en ongewenst eigenaar geworden van de opstallen van Wilhelmus" maar kan deze situatie niet zo maar terugdraaien.

"De gemeente Leidschendam-Voorburg is eigenaar van het sportcomplex Westvliet aan de Groene Zoom in Den Haag. Eén van de hoofdgebruikers van het sportcomplex is de voetbalvereniging V.V. Wilhelmus (hierna: Wilhelmus) uit Voorburg. Op het sportcomplex is bebouwing van Wilhelmus aanwezig, te weten een clubhuis, twee tribunes, twee dug-outs en twaalf lichtmasten. De gemeente is grondeigenaar, maar Wilhelmus behoort eigenaar te zijn en blijven van deze bebouwing. Daarom is op 18 december 1995 een huurafhankelijk opstalrecht voor deze bebouwing gevestigd ten gunste van Wilhelmus. Bij de vestiging van het opstalrecht is verder bepaald dat dit loopt vanaf 1 april 1995 tot en met 31 maart 2015.
Tot 1 december 2010 huurde Wilhelmus het sportcomplex rechtstreeks van de gemeente. Sindsdien beheert de Stichting Beheer Sportcomplex Westvliet het terrein en geeft zij de sportvelden in gebruik aan Wilhelmus. Door deze wijziging is van rechtswege het huurafhankelijke opstalrecht uit 1995 vervallen en is de gemeente onbedoeld (juridisch) eigenaar geworden van de genoemde bebouwing. De gemeente heeft dit niet (tijdig) onderkend en is daardoor mede verantwoordelijk voor het ontstaan van deze onbedoelde en voor alle partijen ongewenste situatie.
De correcte situatie kan alleen worden hersteld door opnieuw ten gunste van Wilhelmus een opstalrecht te vestigen. Het vestigen van zakelijke rechten zoals een recht van opstal is een bevoegdheid van ons college. Op 15 december jl. hebben wij besloten opnieuw een (niet-huurafhankelijk) recht van opstal op de tribunes en het clubhuis te vestigen ten gunste van Wilhelmus, zodat het eigendom van deze bebouwing weer terug kan vallen naar Wilhelmus."

"Gezien het feit dat de ongewenste situatie heeft kunnen ontstaan door een omissie aan de kant van de gemeente menen wij dat Wilhelmus niet behoort te worden belast met de financiële consequenties van het repareren daarvan. De gemeente dient te zorgen voor herstel van de correcte en gewenste eigendomssituatie op het sportcomplex. Wij hebben daarom inmiddels besloten tot een scenario waarin ons college ten gunste van Wilhelmus 'om niet' opnieuw een opstalrecht vestigt. Wij brengen geen marktconforme vergoeding van de waarde van het opstalrecht in rekening. De gemeente draagt voorts de notariskosten en de overdrachtsbelasting voor de vestiging van het opstalrecht."

Staatssteun

En hoe zit het nu met die staatssteun? Dat is voer voor juristen, aldus het gemeentebestuur. "Wij hebben de mogelijke staatssteunverlening voorgelegd aan de gemeentelijke huisadvocaat. Samengevat is zijn conclusie dat het geheel 'om niet' vestigen van een nieuw opstalrecht leidt tot staatssteun aan Wilhelmus.De enige onderbouwing waarom dit geen staatssteun kan zijn is als deze overheidssteun niet marktverstorend werkt en de mededinging niet vervalst omdat louter lokale diensten niet snel consumenten uit andere lidstaten aantrekken. Als dat het geval is, is het verlenen van steun mogelijk. Wij menen dat voor steun in dit geval zwaarwegende rechtvaardigingsgronden bestaan, namelijk (1) de rol en verantwoordelijkheid van de gemeente bij het onbedoeld ontstaan van de ongewenste situatie en (2) de noodzaak tot het op een voor Wilhelmus haalbare wijze herstellen van de gevolgen van deze omissie. In nadere afstemming met de huisadvocaat onderzoeken wij of en in hoeverre maatregelen mogelijk zijn om het risico op ongeoorloofde steunverlening te beperken."