Boksen in de geest van Ome Bep

De ingelijste spiegel met beeltenis van Bep Kneppers (foto: Marcel Israël).
Steven van der Gaag

Elke club heeft ze. Prominent boven de bar of verscholen in een hoekje. Pronkstukken. Samen vormen ze het museum van de amateursport. Opdat de verhalen worden doorverteld. Elke week plaatsen we een nieuw pronkstuk in het museum van SportclubNL. Deze week waakt oprichter Ome Bep Kneppers bij Sportschool Bep Kneppers vanaf een ingelijste spiegel over zijn idealen.

“De urn van Ome Bep heeft nog jaren op de prijzenkast gestaan”, zegt Willem Zweers, trainer en penningmeester van Sportvereniging Bep Kneppers. “Het leek een trofee. Dat was aan de Lijnbaansgracht. Een paar mensen wisten het. Na de dood van zijn vrouw heeft zijn dochter de urn opgehaald.” De boksschool huist nu op de bovenste verdieping van Gebouw de Palm in de Jordaan, maar Ome Bep is nog altijd aanwezig. Vanaf een ingelijste spiegel boven de deur waakt hij over de volle zaal.

Iedereen gelijk

Binnen klinkt slechts het ritmische getik van touwtjes op de vloer. Een schildering van Ali siert de muur naast een trapgevel samen met ontelbare zwartwit foto's als herinnering aan rijke boksjaren. Willem Zweers en hoofdtrainer Henk Sleijfer behoren decennialang tot de dragende krachten van een van de oudste boksclubs in Nederland. Maar niemand weet meer van Ome Bep dan erelid Joop Willemse (1935).

Ome Joop loopt al bijna zestig jaar rond tussen stootzakken en boksring. Zijn wieg stond hier dichtbij in de Tichelstraat. Hij is één keer in zijn leven verhuisd. “Naar de overkant.” Praten met Ome Joop is boksen. Regelmatig ballen zijn handen zich tot vuisten en krijg je een tikje op je lichaam. “Voor Ome Bep bestond er maar één weg, niet rechts, niet links, maar rechtdoor. En iedereen was gelijk. Geen kapsones. Wie verslapte of te laat was, kon naar huis. Ook de profs. ” 

Vechten tegen Franco

Vier boksende broers Kneppers waren er ooit. Bep, Hein, Arie en Kees. Bep was de beste: viervoudig Nederlands kampioen in het lichtgewicht. “Die titel had nog waarde”, zegt Ome Joop. “Nu zit je meteen in de halve finale, maar toen moest je eerst maar eens clubkampioen worden.” De Jordaan was een kweekvijver voor boksers. Een arbeiderswijk waar gezinnen woonden in voor-, midden- en achterhuizen. “Een paar schoenen moest je met zijn drieën delen”, zegt Ome Joop. “Je leefde op straat en daar was het overleven. Je kan het niet vergelijken met nu.”  

Sport en politiek waren nog niet gescheiden. Als kampioen kon Bep Kneppers naar de Spelen van Berlijn 1936. Hij weigerde. Hoe kon hij - communist - gaan boksen in een land dat zijn kameraden en joden vervolgde? Een jaar later trok hij naar Spanje om voor zijn idealen te vechten tegen Franco. Ome Joop: “Bij terugkeer liep de straat uit.” De staat trok zijn Nederlanderschap in, maar Jordanees ben je voor het leven.

Botsende karakters

Na de oorlog begon Ome Bep een boksschool geschoeid op dezelfde leest. Een gage voor een wedstrijd werd verdeeld. Ome Joop: “We moesten boksen in Rotterdam en hij gaf die jongens in de bus allemaal een knaak. Komt een andere boksschoolhouder naar hem toe: ‘Wat doe je nou Bep? Dat geld is voor ons.' Maar zo was Ome Bep.”

Zoon Beppie trad in zijn voetsporen en pakte de Nederlandse kampioensriem. Ome Joop duwt zijn vuisten tegen elkaar. “Ze hadden dezelfde karakters. Dat botste, maar…”, steekt hij zijn vinger op. “Beppie zat in de aannemerij en toen Ome Bep zonder ruimte zat, kocht hij een pandje voor zijn vader.”

Advocaten, studenten en bouwvakkers

Na Ome Beps dood in 1995 bleef Beppie betrokken als voorzitter. Hij is onlangs overleden. De rouwkaart hangt nog naast zijn kampioensfoto. “Willem en Henk vroegen of ik mijn vader wilde opvolgen”, zegt Bert Kneppers (46). Hij is komen kijken naar zijn zoon Tommy (18), die sinds kort traint op de club. “Zo blijft de naam Kneppers toch aan de boksschool verbonden.”  

Opdat de idealen van Ome Bep niet verloren gaan. Hij kan tevreden zijn. De Jordaan is veranderd en boefjes van de straat gaan tegenwoordig kickboksen. Maar bij SBK trainen advocaten, studenten en bouwvakkers door elkaar. “Je voelt je hier thuis of niet”, trekt Zweers dezelfde rechte lijn als de oprichter.

Tommy voelt zich thuis, zegt hij na de training. In zijn ogen zie je een Kneppers. Hij heeft inmiddels zijn eerste partij gebokst. Ome Bep zal Tommy volgen vanaf zijn plek boven de deur. En zorgen dat hij niet verslapt.

Oproep

Dit artikel verscheen eerder in Het Parool en wordt met toestemming hier opnieuw gepubliceerd. SportclubNL zal in de komende tijd nog een aantal andere Amsterdamse pronkstukken in het museum plaatsen, maar gaat op zoek naar pronkstukken in heel Nederland. Heb jij ook een pronkstuk op de club? Of misschien thuis verborgen in een oude kist op zolder. Laat het ons weten. Stuur een mail naar de redactie en verdien een plekje in de eregalerij van de amateursport.