'Die rare bal maakte nieuwsgierig'

Robert von Gerhardt showt de shirts die werden gedragen tijdens de eerste Nederlandse Super Bowl - de huidige Tulip Bowl - in 1985 (foto: Marcel Israël).
Steven van der Gaag

Elke club heeft ze. Prominent boven de bar of verscholen in een hoekje. Pronkstukken. Samen vormen ze het museum van de amateursport. Opdat de verhalen worden doorverteld. Elke week plaatsen we een nieuw pronkstuk in het museum van SportclubNL. In deze week van de Superbowl herinneren twee shirts bij de Amsterdam Crusaders aan de broederstrijd in de pioniersjaren van American Football in Nederland.

In de donkerte van sportpark Sloten klinkt een ritmisch getik op het pad. Plotseling stuift iemand de bocht om. Brede schouders, wapperend shirt, een monsterlijk masker voor het gezicht. Het hart stokt voor een moment. Maar hij passeert, op weg naar het kunstgrasveld waar de andere spelers van de Amsterdam Crusaders al aan de training zijn begonnen.

Drie scholieren

Rook dampt van de lijven als twee verdedigers tegen elkaar kletsen. De lichaamsbescherming kraakt onder het fysieke geweld. Oud-speler Robert von Gerhardt (52) raakte besmet met het American Football-virus op vakantie in Amerika beginjaren tachtig. Een virus dat hij graag wilde overbrengen.

Von Gerhardt kocht daarom in Amerika een originele bal. “Dat was een bezienswaardigheid in Amsterdam”, zegt hij na de training in het clubhuis, bladerend in een map vol knipsels. Bovenop ligt een notariële akte. Drie – volgens de akte – scholieren verschenen op 26 februari 1982 voor de notaris om de verenigingsstatuten te laten vastleggen van de eerste American Footballclub in Nederland. “René Koningferander en Ronald Egger ontmoette ik in buurthuis de Bok in Buitenveldert”, zegt Von Gerhadt. “Zij deelden mijn passie en die rare puntige bal maakte meer jongens nieuwsgierig.”

Rammen met boomstammen

Ze noemden zich de Atlas Rams, naar de krachtsportvereniging Atlas waar ze veel trainden en de Los Angeles Rams, een Amerikaanse topclub in die tijd. Pioniers waren ze en dat schiep een band. “Er was niks”, zegt Von Gerhardt. “We maakten zelf nekbeschermers van pvc-buizen en de beenbeschermers zetten we met tape vast op onze dijen.” Niemand kon ze vertellen hoe te trainen. Internet bestond nog niet. “We stonden in het Amsterdamse Bos met boomstammen op elkaar in te rammen, omdat we dachten dat we hard moesten worden.”

In Duitsland was de sport wel populair dankzij de vele Amerikaanse legercompounds en daar speelden de Atlas Rams ook hun eerste wedstrijd. “Paaszondag 1982”, dreunt Von Gerhardt op. “Tegen de Herne Tigers. Op de promotieposter stond dat we kampioen van Nederland waren. In werkelijkheid hadden we een week eerder voor het eerst helmen gekocht, waar we nog nooit mee hadden gespeeld. We verloren met 36-0, maar we waren trots. Man, onze eerste wedstrijd.”

Veronica

Omdat er in Nederland geen competitie was, gingen de inmiddels Amsterdam Rams in de Duitse Oberliga spelen. Twee jaar later werd American Football een hype in Nederland. Jongerenzender Veronica omarmde de sport en in vele steden schoten de teams als paddestoelen uit de grond. Von Gerhardt pakt twee shirts uit zijn tas: een geel-blauwe en een rode. Op beide staat nummer 27. Het zijn de shirts van de teams die in 1985 de eerste Nederlandse Super Bowl – de huidige Tulip Bowl - speelden, respectievelijk Amsterdam Rams en Amsterdam Crusaders.

Von Gerhardt speelde die wedstrijd niet in het geel-blauw – dat shirt was van zijn tegenstander. Een jaar eerder braken beide pioniers met elkaar en richtte Von Gerhardt met een aantal getrouwen de Amsterdam Crusaders op. “We zagen de toekomst totaal verschillend,” zegt Von Gerhardt. “Ik wilde een club waar iedereen American Football kon spelen en niet alleen krachtpatsers.” Op persoonlijk vlak vond er ook een verwijdering plaats. “René Koningferander leeft niet meer. Ze zeggen dan altijd: over de doden niets dan goeds, maar René vond steeds meer dat de Rams om hem draaide. Daar ergerde ik me aan. En ik stond daar niet alleen in.”

Verraad

Koningferander ervoer de breuk als verraad. De overwinning van de Rams (36-14) smaakte dan ook zoet. Von Gerhardt heeft die wraakgevoelens naar eigen zegge nooit gehad. “Het was gewoon beter dat we allebei onze eigen weg gingen.” Zijn kruistocht bleek de juiste. De Rams werden in 1989 opgeheven. Amsterdam Crusaders – recordkampioen van Nederland - is er nog altijd. Met een team dat in 2015 de Tulip Bowl won. Met jeugd. Met een toekomst. Van al die Amsterdamse jongens die in 1985 op het veld stonden, is hij met Winston Ronde de enige die nog bij American Football is betrokken. Von Gerhardt: “Een virus verdwijnt nooit uit je lichaam.”

Decennialang draaide zijn leven om de Crusaders als oprichter, speler, trainer, bestuurder en jeugdcoach. Nu heeft Von Gerhardt een stap terug gedaan. Een eigen zaak vraagt alle aandacht. Maar helemaal loslaten kan hij de Crusaders nooit. "Ik zit nog wel in een club van wijze mannen, die altijd beschikbaar is voor advies. Het blijft mijn kindje." En anders is er Dylan, zijn zoon die hem voorbij is gesneld. "Vroeger was hij ‘de zoon van’. Nu ben ik ‘de vader van’. En zo hoort te gaan."

Oproep

Dit artikel verscheen eerder in Het Parool en wordt met toestemming hier opnieuw gepubliceerd. SportclubNL zal in de komende tijd nog een aantal andere Amsterdamse pronkstukken in het museum plaatsen, maar gaat op zoek naar pronkstukken in heel Nederland. Heb jij ook een pronkstuk op de club? Of misschien thuis verborgen in een oude kist op zolder. Laat het ons weten. Stuur een mail naar de redactie en verdien een plekje in de eregalerij van de amateursport.